Tijdlijn van de Zweedse geschiedenis

De belangrijkste gebeurtenissen uit de Zweedse geschiedenis, van de eerste bewoners tot het NAVO-lidmaatschap. Een beknopt overzicht om artikelen en ontwikkelingen in hun context te plaatsen.

Prehistorie en Vikingtijd

  1. ca. 12.000 v.Chr.

    De eerste mensen

    Na het smelten van het landijs trekken jagers en verzamelaars naar het huidige Zuid-Zweden.

  2. ca. 1700–500 v.Chr.

    Bronstijd

    Uit deze periode stammen onder meer de bekende rotstekeningen van Tanum in Bohuslän, tegenwoordig werelderfgoed.

  3. 98 n.Chr.

    De Svear

    De Romeinse schrijver Tacitus noemt in zijn Germania een noordelijk volk, de Suiones: vermoedelijk de Svear. Hun naam leeft voort in Sverige, de Zweedse naam voor Zweden: een samentrekking van Svea rike, ‘het rijk van de Svear’.

  4. ca. 800–1050

    Vikingtijd

    Zweedse vikingen trekken vooral naar het oosten, over de Russische rivieren tot aan Byzantium. Handelsplaatsen als Birka bloeien.

  5. ca. 830

    Ansgar in Birka

    De missionaris Ansgar bezoekt Birka. Het is een van de eerste pogingen om de Svear te kerstenen.

Middeleeuwen

  1. rond 1000

    Olof Skötkonung

    Olof Skötkonung is de eerste koning van wie bekend is dat hij over zowel de Svear als de Götar heerste. Hij laat zich dopen.

  2. 1164

    Aartsbisdom Uppsala

    Uppsala wordt de zetel van een eigen aartsbisschop. Zweden krijgt daarmee een zelfstandige kerkprovincie.

  3. 1252

    Stockholm

    Stockholm wordt voor het eerst in een geschreven bron genoemd, in de tijd van Birger Jarl.

  4. rond 1350

    Eén wet voor het hele rijk, en de Zwarte Dood

    Koning Magnus Eriksson laat voor het eerst één wetboek voor het hele rijk opstellen: de landslag, letterlijk ‘landswet’. Tot dan had elke landstreek zijn eigen wetten. In dezelfde tijd bereikt de pest Zweden en sterft een groot deel van de bevolking.

  5. 1397

    Kalmarunie

    Denemarken, Noorwegen en Zweden worden in Kalmar onder één koning verenigd. De unie leidt in Zweden tot langdurige spanningen.

  6. 1477

    Universiteit van Uppsala

    De oudste universiteit van Scandinavië wordt opgericht.

Vasatijd en grootmacht

  1. 1520

    Bloedbad van Stockholm

    De Deense koning Christiaan II laat na zijn kroning tientallen Zweedse edelen en geestelijken terechtstellen.

  2. 1523

    Gustav Vasa wordt koning

    Op 6 juni wordt Gustav Vasa tot koning gekozen. Zweden maakt zich los uit de Kalmarunie; 6 juni is nu de nationale feestdag.

  3. 1527

    Reformatie

    Op de rijksdag van Västerås breekt Gustav Vasa met de katholieke kerk. In 1541 verschijnt de eerste volledige Zweedse bijbelvertaling.

  4. 1628

    Het oorlogsschip Vasa zinkt

    Het pronkschip van de vloot kapseist in de haven van Stockholm tijdens zijn eerste tocht. Het wrak is nu te zien in het Vasamuseum.

  5. 1630–1632

    Gustav II Adolf en de Dertigjarige Oorlog

    Zweden mengt zich in de oorlog in Duitsland. De koning sneuvelt in 1632 bij Lützen.

  6. 1648

    Vrede van Westfalen

    Zweden krijgt gebieden aan de Duitse Oostzeekust en is een Europese grootmacht.

  7. 1654

    Christina doet troonsafstand

    Koningin Christina legt de kroon neer, bekeert zich tot het katholicisme en vertrekt naar Rome.

  8. 1658

    Vrede van Roskilde

    Denemarken staat Skåne, Halland, Blekinge en Bohuslän af. Zweden bereikt zijn grootste omvang.

  9. 1700–1721

    Grote Noordse Oorlog

    Na de nederlaag bij Poltava (1709) en de dood van Karel XII (1718) verliest Zweden met de Vrede van Nystad zijn positie als grootmacht.

Vrijheidstijd en verlichting

  1. 1719–1772

    Vrijheidstijd

    Na de oorlogen krijgt de rijksdag de macht en is de koning vooral een ceremoniële figuur. Wetenschap en handel bloeien, onder anderen met Carl Linnaeus.

  2. 1766

    Vrijheid van drukpers

    Zweden neemt als eerste land ter wereld een wet aan die de vrijheid van drukpers en de openbaarheid van overheidsstukken vastlegt.

  3. 1772

    Staatsgreep van Gustav III

    Gustav III herstelt de koninklijke macht. Hij stimuleert kunst en cultuur en sticht onder meer de Zweedse Academie (1786).

  4. 1792

    Moord op Gustav III

    De koning wordt tijdens een gemaskerd bal in de Opera van Stockholm neergeschoten en overlijdt enkele weken later.

19e eeuw

  1. 1809

    Verlies van Finland

    Zweden moet Finland afstaan aan Rusland. Datzelfde jaar krijgt Zweden een nieuwe grondwet, die meer dan anderhalve eeuw van kracht blijft.

  2. 1810

    Begin van het huis Bernadotte

    De Franse maarschalk Jean-Baptiste Bernadotte wordt tot kroonprins gekozen. Als Karel XIV Johan sticht hij het huidige koningshuis.

  3. 1814

    Unie met Noorwegen en het einde van de oorlogen

    Bij de Vrede van Kiel moet Denemarken Noorwegen aan Zweden afstaan. Noorwegen verzet zich en neemt een eigen grondwet aan, maar wordt na een korte oorlog gedwongen tot een unie met Zweden, al mag het die grondwet houden. Het is de laatste oorlog die Zweden heeft gevoerd.

  4. 1842

    Algemene volksschool

    Elke parochie moet een school hebben: de basis voor onderwijs voor alle kinderen.

  5. 1866

    Een parlement met twee kamers

    De rijksdag van de vier standen maakt plaats voor de Riksdag, een parlement met twee kamers.

  6. ca. 1840–1930

    Emigratie

    Ongeveer 1,3 miljoen Zweden, ruwweg een op de vijf, vertrekken naar Amerika, vooral wegens armoede, bevolkingsgroei en misoogsten.

20e eeuw

  1. 1901

    Eerste Nobelprijzen

    Volgens het testament van Alfred Nobel worden voor het eerst de Nobelprijzen uitgereikt.

  2. 1905

    Einde van de unie met Noorwegen

    Het Noorse parlement verklaart de unie ontbonden. De spanning loopt zo hoog op dat beide landen troepen mobiliseren, maar in Karlstad bereiken ze een akkoord. Noorwegen wordt zonder oorlog een zelfstandig koninkrijk.

  3. 1921

    Algemeen kiesrecht

    Bij de verkiezingen mogen voor het eerst ook vrouwen stemmen.

  4. 1928

    Het folkhemmet

    Sociaaldemocratisch leider Per Albin Hansson beschrijft zijn ideaal van de samenleving als een ‘volkshuis’. Vanaf 1932 regeren de sociaaldemocraten tientallen jaren.

  5. 1938

    Akkoord van Saltsjöbaden

    Werkgevers en vakbonden maken afspraken over cao-onderhandelingen: een hoeksteen van het Zweedse model.

  6. 1939–1945

    Neutraal in de Tweede Wereldoorlog

    Zweden blijft officieel neutraal. In 1943 vinden de meeste Deense Joden een veilig heenkomen in Zweden, en in 1944 redt diplomaat Raoul Wallenberg in Boedapest duizenden Joden.

  7. 1955

    Algemene ziektekostenverzekering

    Een van de bouwstenen van de Zweedse verzorgingsstaat.

  8. 1967

    Dagen H

    Op 3 september gaat het hele land over van links naar rechts rijden.

  9. 1971

    Eén kamer

    De Riksdag, het Zweedse parlement, gaat verder met één kamer in plaats van twee.

  10. 1974

    Nieuwe grondwet

    De nieuwe grondwet, die in 1975 ingaat, ontneemt de koning zijn laatste politieke taken. Hij is voortaan alleen staatshoofd in ceremoniële zin.

  11. 1980

    Gelijke troonopvolging

    Het oudste kind volgt de vorst op, ongeacht of het een jongen of een meisje is. Kroonprinses Victoria wordt troonopvolger.

  12. 1986

    Moord op Olof Palme

    Premier Olof Palme wordt op 28 februari in het centrum van Stockholm doodgeschoten.

  13. 1995

    Lid van de Europese Unie

    Zweden treedt op 1 januari toe tot de EU.

21e eeuw

  1. 2000

    Kerk en staat gescheiden

    De Zweedse kerk is niet langer staatskerk. In juli wordt de Sontbrug tussen Malmö en Kopenhagen geopend.

  2. 2003

    Nee tegen de euro

    In een referendum stemt een meerderheid tegen invoering van de euro. Zweden houdt de kroon.

  3. 2021

    Eerste vrouwelijke premier

    Magdalena Andersson wordt de eerste vrouw die Zweden als premier leidt.

  4. 2024

    Lid van de NAVO

    Na de Russische inval in Oekraïne vraagt Zweden in 2022 het lidmaatschap aan; op 7 maart 2024 wordt het officieel lid en eindigt een lange periode van militaire bondgenootschapsvrijheid.

Meer verdieping vind je in de rubriek Samenleving › Geschiedenis.

Bijgewerkt: 18 okt 2026